Spring naar inhoud

1.3 Financiële analyse verslagjaar

1.3.1 Resultaatsontwikkeling Noorderbreedte B.V

Noorderbreedte B.V. heeft een 100% deelneming in Thuiszorg Het Friese Land en Revalidatie Friesland. Beide entiteiten stellen een eigen financiële jaarverantwoording op. Voor een toelichting hierop wordt verwezen naar het bestuursverslag van Thuiszorg Het Friese Land B.V. en Revalidatie Friesland B.V..

De deelnemingen van Noorderbreedte maken in de kredietovereenkomst met de financiers geen onderdeel uit van de debiteur Noorderbreedte. De financiële en niet-financiële convenanten zijn van toepassing op Noorderbreedte (enkelvoudig, exclusief deelneming).

Noorderbreedte B.V. enkelvoudig heeft het boekjaar 2025 afgesloten met een positief resultaat van € 15,8 miljoen (2024: € 7,4 miljoen). Het geconsolideerde resultaat van Noorderbreedte, waarin stichting Nexus en het Noorderbreedte Fonds vanuit de bestuurlijke verwevenheid zijn opgenomen, komt uit op een resultaat van 15,95 miljoen euro. Het rendement op geconsolideerd niveau is uitgekomen op 5,18 procent (2024: 2,58 procent).

Het resultaat wordt toegevoegd aan het groepsvermogen van Noorderbreedte B.V.. Het groepsvermogen van Noorderbreedte B.V. is door toevoeging van het resultaat 2025 gegroeid tot een omvang van 123,7 miljoen euro (ultimo 2024: € 107,7 miljoen).

Ratio's geconsolideerd

In onderstaande tabel zijn de van belang zijnde ratio’s opgenomen:

  2025 2024  
Solvabiliteit balansratio 46,75% 41,79%  
Solvabiliteit omzetratio 40,15% 35,76%  
Personeelskosten als % van de totale omzet 67,50% 69,80%  
Personeelskosten als % van de zorgomzet 74,20% 72,20%  
Resultaat/opbrengsten 5,18% 2,58%  
Resultaat (x € 1.000) 15.951 7.356  

​1.3.2 Financiële analyse Noorderbreedte

De onderstaande paragrafen van dit hoofdstuk hebben betrekking op Noorderbreedte, enkelvoudig exclusief het resultaat op deelnemingen.

Na een forse verbetering van het zorgresultaat in het succesvolle jaar 2024, zette de groei in 2025 stevig door. Op een totale omzet van 193.9 miljoen euro werd een resultaat van 11,4 miljoen gerealiseerd. Dat betekent een stijging van maar liefst 31% ten opzichte van het resultaat in 2024 (€ 8,7 miljoen).

Aan de opbrengstenkant waren vooral autonome indexeringen, verkoopresultaat en volumegroei door een zwaardere gemiddelde cliëntmix bepalend. Aan de kostenkant hielp beheersing, als uitvloeisel van het meerjarig programma 2024-2026, met als doel de zorgexploitatie weer met een neutraal exploitatieresultaat te exploiteren. Het opvangen van de voor het jaar 2025 teruggedraaide, maar in 2026 definitief geeffectueerde, overheidsbezuinigingen was onderdeel van het programma. De lagere kapitaalslasten gaf het resultaat nog een extra zetje in de rug.

De resultaatsmarge kwam uit op 5,87%, fors hoger dan de 4,77% van het jaar ervoor en ruim boven de interne norm van 2,0 - 2,5%. De stijging van de resultaatsmarge komt doordat de opbrengsten (met 6,4%), relatief harder stijgen dan de personele kosten en de overige bedrijfskosten, inclusief de financiële baten en lasten (in totaal 5,4%). Met een resultaatsmarge van 5,87 % staat Noorderbreedte er financieel sterk voor. De zorgexploitatie draagt weer positief bij aan het totale resultaat. Met het realiseren van deze doelstelling vanuit de meerjarenbegroting staat Noorderbreedte klaar om de effecten van de landelijke HLO-korting de komende jaren op te vangen en te tegelijkertijd te investeren in de vraagstukken van de nabije toekomst.

Noorderbreedte voldoet ruimschoots aan de financiële convenant afspraken uit de kredietovereenkomst. De DSCR van 4,09 voldoet aan de nieuwe minimale norm van 1.3.

Dankzij het positieve resultaat in Noorderbreedte is het eigen vermogen in 2025 verder toegenomen, van 102,0 miljoen euro in 2024 naar 117,7 miljoen. Dit betekent een groei van 15,46% ten opzichte van vorig jaar. Ook in verhouding tot het balanstotaal, de solvabiliteit, is het eigen vermogen gestegen: van 47,72% in 2024 naar 48,35% in 2025. Deze ontwikkeling wijst op een verdere versterking van de financiële positie van Noorderbreedte. Vanwege de toegenomen risico’s, waaronder het vervallen van de contracteerplicht wordt deze definitie van de solvabiliteitsratio meer en meer in de sector toegepast. Financiers hanteren veelal 20% als ondergrens, waarbij voor de V&V-sector 25% als gewenst niveau wordt gezien.

We hebben in 2025 gewerkt met gemiddeld 1.785 fte, van wie 1.358 fte zorgmedewerkers (behandelaren: 83, facilitair: 109 en overhead 235 fte (exclusief inhuur). In 2025 is opnieuw fors geïnvesteerd in het terugdringen van het verzuim. Het verzuim is in het laatste kwartaal van 2025 uitgekomen op 9,63%. In kwartaal 4 van 2024 was dit nog 10,55%. Over geheel 2025 is het percentage voor Noorderbreedte uitgekomen op 9,69% (2024: 10,25%). Het landelijke verzuimpercentage in de VVT branche over het 2025 is 9,21% (bron: Vernet Q4 -2025). Een geringe stijging ten opzichte van 2024 toen het branchegemiddelde uit kwam op 9,07% (bron: Vernet Q4 – 2024).

De gerealiseerde productie vanuit de Wlz (Wet Langdurige Zorg) is in 2025 uitgekomen op 418.775 dagen met behandeling (2024: 417.930). De dagen zonder behandeling kwamen uit op 2.380 dagen (2024: 3.626). De verschuiving naar zwaardere zorg is een landelijke trend. Voor wat betreft de Revalidatie hebben we in het jaar 2025 613 Diagnose Behandel Combinatie-trajecten (20.680 dagen) geopend. In 2024 waren dit er 770 (24.216 dagen). De daling is een gevolg van de verhuizing van de revalidatie naar een nieuwe locatie en daarnaast is er sprake een dalende landelijke trend. De omzet van de (via het contract van Thuiszorg Het Friese Land lopende) wijkverpleging is 0,71 miljoen euro.

Het resultaat van Noorderbreedte van 11,4 miljoen euro ligt boven het niveau van het begrote resultaat van 4,4 miljoen euro. De verklaring hiervoor is vooral te vinden in de bedrijfsvoering van de zorgexploitatie. Na een jaar waarin Noorderbreedte het jaar 2023 afsloot met een negatief resultaat is gestart met het implementeren van een breed pallet aan maatregelen. De topstructuur en ook de besturingsfilosofie zijn aangepast. De doelstellingen en de realisatie van de maatregelen werden gevolgd via een separate maatregelen rapportage, en maandelijks werd deze besproken in het MT. De effecten zijn breed zichtbaar: de sturing heeft geleid tot betere beheersing van zowel loon- als materiële kosten én de opbrengsten. Daarmee is het genormaliseerd resultaat van de zorgexploitatie uitgekomen op een kleine plus.

Daarmee is een grote stap gezet om de ‘kwaliteit’ van het (genormaliseerde) financiële resultaat duurzaam te normaliseren, waarbij de zorgexploitatie niet teveel leunt op de kapitaallasten exploitatie. Voor het jaar 2026 blijft de uitdaging om de ingezette lijn door te zetten om daarmee, voor zover mogelijk, klaar te zijn voor de uitdagingen richting 2027 en latere jaren. Onder andere om de effecten van de landelijke HLO-korting in het Wlz-segment de komende jaren op te vangen, en te investeren in de verdere ontwikkeling van de organisatie. De aangekondigde stelselwijziging binnen de ouderenzorg vraagt immers een fundamentele herinrichting van het zorglandschap waarin we zullen moeten investeren.

Het resultaat is zowel positief als negatief beïnvloed door een aantal posten met een incidenteel karakter.

Samengevat ontstaat het resultaat Noorderbreedte, exclusief deelnemingen, van € 11,4 miljoen per saldo door:

  • Een genormaliseerd exploitatieresultaat van 11,5 miljoen euro (2024: 5,9 miljoen), waarbij de opbouw bestaat uit:
  • Een positief genormaliseerd resultaat op de zorgexploitatie ad. 5,95 miljoen (2024: € 1.0 miljoen);
  • Een positief resultaat op de kapitaalslastenexploitatie van € 5,55 miljoen (2024: € 4,9 miljoen);
  • Incidentele bate gerelateerd aan zorgexploitatie: saldo 0,5 miljoen (2024: € 2,8 miljoen).
  • Incidentele last gerelateerd aan de kapitaalslasten exploitatie ad. € 0,64 miljoen (2024: -,-).

Het hoge saldo vanuit de incidentele baten in het jaar 2024 komt grotendeels voort uit voort uit de tussentijdse tariefsaanpassing als gevolg van amendement Dobbe waarmee de ingevoerde landelijke kortingen voor het jaar 2024 ongedaan werden gemaakt.

De belangrijkste conclusie rond het financieel resultaat is dat de eerder benoemde realisatie van een gezondere balans tussen zorgexploitatie en de kapitaallasten exploitatie in 2025 duurzaam lijkt te zijn gerealiseerd. Met deze uitkomst lopen we vooruit op de financiële meerjaren doelstelling die voor 2026 was gepland.

1.3.3 Behaalde omzet

In onderstaande tabel is de omzetontwikkeling van Noorderbreedte (enkelvoudig) weergegeven:

  2025 (in %) 2024 (in %)
Opbrengsten zorgprestaties en maatschappelijke ondersteuning        
Wettelijk budget WIZ met behandeling 146.491 75,54% 137.670 75,55%
Wettelijk budget WIZ zonder behandeling 120 0,06% 179 0,10%
Wettelijk budget WIZ VPT 2.698 1,39% 2.303 1,26%
Wettelijk budget WIZ MPT 364 0,19% 354 0,19%
Wettelijk budget WIZ overig 15.354 7,92% 15.711 8,62%
Wettelijk budget WIZ Meerzorg 2.120 1,09% 2.404 1,32%
Wettelijk budget WIZ nacalculatie 536 0,28% 490 0,27%
Wettelijk budget WLZ transitiemiddelen 0 0,00% 0 0,00%
Wettelijk budget WLZ Dure geneesmiddelen 537 0,28% 513 0,28%
Beschikbaarheidsbijdrage Zorg 171 0,09% 138 0,08%
Wijkverpleging 708 0,37% 859 0,47%
GRZ 9.584 4,94% 10.719 5,88%
Eerstelijnsverblijf 3.197 1,65% 2.001 1,10%
WMO 296 0,15% 374 0,21%
Huntington 690 0,36% 617 0,34%
GZSP 465 0,24% 526 0,29%
Overige zorgprestaties 69 0,04% 6 0,00%
Totaal 183.400   174.864  
         
Overige opbrengsten        
         
Overige opbrengsten 9.449 4,87% 5.883 3,23%
Subsidies 1.049 0,54% 1.482 0,81%
Totaal 10.498   7.365  
         
Bedrijfsopbrengsten 193.898 100,00% 182.229 100,00%

Uit voorgaand overzicht blijkt een redelijk forse groei van de omzet. De omzet is in 2025 toegenomen met ruim 11,6 miljoen euro.

De verklaring van de omzet toename in het Wlz-segment is divers, en is te verklaren vanuit:

  • Autonome stijging als gevolg van indexaties van het tarief
  • Bedbezetting, cliëntmix (meer intensieve zorg en meerzorg).

Er is sprake van een geringe omzetdaling van de geriatrische revalidatie zorg. De instroom en daarmee de bedbezetting is gedaald en daarnaast zorgt ook de prijsdruk door de verzekeraars voor een daling in de omzet. De daling van de instroom kan deels verklaard worden onderbezetting binnen de medische dienst en anderzijds door de verhuizing van de revalidatie naar Nieuw Mellens. De met de verzekeraars overeengekomen doelmatigheidsdoelstelling voor de GRZ is niet volledig gerealiseerd.

De omzet in het WMO segment is opnieuw gedaald.

1.3.4 Financiële positie

Ratio's enkelvoudig

Tabel: ontwikkeling ratio’s (enkelvoudig)

Financiële kengetallen enkelvoudig 2025 2024
     
EBITDA 25.083 22.114
     
Vermogen    
Solvabiliteit balans ratio 48,35% 47,72%
Weerstandsvermogen (Solvabiliteit omzetratio) 60,71% 55,95%
     
Liquiditeit    
Current ratio 1,31 1,07
Liquiditeitsmaatstaf in maanden omzet 1,6 2,4
     
Financiering    
Loan to value 43,35% 46,76%
DSCR 4,09 2,66
TotalDebt/EBlTDA 2,70 3,36
Total Net Debt/EBlTDA 2,14 2,31
Interest Coverage Ratio (EBlTDA/rentelasten) 10,67 8,15
Verhouding vaste activa/lang vermogen (gouden balans regel) 0,91 0,95
     
EBITDA marge 12,94% 12,39%
ITDA-marge (interst, taxes, decepreciation, amortization) 7,06% 7,62%
     
Resultaatmarge exclusief deelenemingen (in % totale opbrengsten) 5,87% 4,77%
     
PIL-quote (personeel in loondienst) 61,45% 62,40%
PNIL-quote (personeel niet in loondienst) 2,65% 2,64%
Personeelsquote (in % totale omzet) 64,10% 65,04%
     
Afschrijvingen en afwaarderingen vaste activa 6,24% 6,56%
Huur en Leasing 1,90% 1,57%
Rentelasten 0,83% 1,06%
Kapitaalslastenquote (in % totale opbrengsten) 8,97% 9,19%
     
Investeringen (x € 1.000) 9.210 10.268
Afschrijvingen 12.093 11.951
Netto investering -2.883 -1.683
Investering als % van de opbrengsten 4,75% 5,63%
     

De EBITDA marge bevindt zich na een flinke dip in 2023 weer op een gezond niveau. Als gevolg van de verbeterde EBITDA marge is de DSCR uitgekomen op 4,09 en ligt daarmee boven het met de financiers vereiste DSCR-niveau van 1.3. De verbetering van de EBITDA werkt ook door in de overig aan de EBITDA gerelateerde ratio’s.

1.3.5 Kasstromen en financieringsbehoeften

De ontwikkeling van het werkkapitaal (enkelvoudig) geeft het volgende beeld:

  31 december 2025 31 december 2024 Mutatie
Voorraad 94 94 0
Onderhanden werk uit hoofde van DBC's -4 514 -518
Debiteuren en overige vorderingen 25.707 5.243 20.464
Liquide middelen 26.459 35.811 -9.352
Vordering uit hoofde van financieringstekort 1.768 2.058 -290
Totaal vlottende activa 54.024 43.720 10.304
Af: Kortlopende schulden 41.012 40.717 295
Saldo werkkapitaal 13.012 3.003 10.009

Het saldo werkkapitaal is in 2025 met € 10,0 miljoen toegenomen en bedraagt 13,0 miljoen euro. De toename van het werkkapitaal wordt met name veroorzaakt door het positievere saldo van de liquide middelen (inclusief uitstaande deposito ad. 20 miljoen onder de overige vorderingen). De mutatie is het gevolg van het saldo uit de operationele-, financierings- en investeringskasstroom.

Het saldo liquide middelen voldoet aan de interne norm die gebaseerd is op de Wfz richtlijn.

​1.3.6 Beleid inzake financiële instrumenten

In het treasurystatuut is het beleid voor het beheersen van o.a. het kredietrisico, liquiditeitsrisico, renterisico, financieringsrisico en het marktrisico opgenomen. Door middel van het volgen van de interne en externe ontwikkelingen, het identificeren en evalueren van de risico’s, het maken van prognoses, het (zondig) uitvoeren van controles en het tijdig anticiperen en rapporteren worden deze risico’s zoveel als mogelijk beperkt. Het treasurystatuut en het treasury jaarplan geven hiervoor de kaders aan. De doelstelling van het risicobeheer is het vermijden van risico’s welke het vermogen en het resultaat van Noorderbreedte negatief kunnen beïnvloeden. Noorderbreedte maakt gebruik van rente-instrumenten om haar renterisico af te dekken en gebruikt deze instrumenten enkel om renterisico’s te beperken, niet om te speculeren op rente ontwikkelingen. Periodiek toetst Noorderbreedte de effectiviteit van de hedge relaties door vast te stellen dat geen sprake is van overhedges. In de jaarrekening wordt, bij onderdeel 1.1.5.12 verder ingegaan op het gebruik van de financiële instrumenten. 

Financiële en niet-financiële prestatie-indicatoren

Onderwerp 2025 2024
Mensen    
Medewerkers fte 1.785 1.831
- waarvan man 10,00% 10.00%
- waarvan vrouw 90,00% 90,00%
Instroom (fte / aantal) 161 /410 111 / 283
Uitstroom (fte / aantal) 187 / 563 179 / 539
Ziekteverzu im 9,69% 10,25%
Stagiaires 199 179
     
Milieu    
Totaal BVO 145.245 m2 145.245 m2
Verbruik m3 gas / warmte 938.461 m3 925.165 m3
Inkoop warmtenet 665 G] 787 G]
Verbruik kWh elektriciteit 6.358.876 KWh 6.504.165 KWh
Totaal eigen opwek PV-panelen of WKK 207.394 KWh 192.295 KWh
Totaal teruggeleverd aan elektriciteitsnet 4.990 kWh 4.474 kWh
Verbruik m3 water 66.194 m3 62.100 m3
Ton C02-uitstoot 1 .611 Ton 1 .580 Ton
     
Productie    
Clienten zorg en verblijf 1.259 1.261
Clienten zorg thuis 74 90
Dagen zorg en verblijf 459.661 461.511
Uren zorg thuis 11.865 14.396

Bovenstaande tabel geeft een samenvatting van financiële en niet-financiële prestatie-indicatoren. In hoofdstuk 8 maatschappelijke aspecten van ondernemen is een nadere toelichting opgenomen over de kerngegevens rondom duurzaamheid en milieu.